Nieuws archief PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door Administrator   
maandag, 27 februari 2012 15:06

Na verloop van tijd plaats ik nieuwsitems uit het 'Nieuws' in de rubriek 'Nieuws archief'.  Uiteindelijk vinden de feiten een weg naar één van de rubrieken van deze site.

  • Voordelen gebruik BIM

Welke voordelen biedt BIM mij? Deze vraag keert telkens terug. Op Penn State University hebben ze daarop een antwoord gegeven. Ze hebben voor diverse fases van een bouwwerk de voordelen van het gebruik van BIM benoemd. Het gebruik van BIM is een relatief kort interessant rapport beschreven. Op de volgende site kan je dit nalezen. Het gebruik van BIM bij facility management is, blijkt, nog beperkt. Op de site kan je een Gids vinden die facility managers helpt bij hun werk.

  • De BouwConnect Bibliotheek is gratis

Sinds kort kan iedereen CAD 2D/3D BIM en Stabu teksten gratis exporteren. Download de gratis BouwConnect Bibliotheek op: www.bouwconnect.nl. Via de BouwConnect Bibliotheek kan de gehele bouwbranche producten gebruikt in de bouw bekijken en gebruiken. Modelleurs en betseksschrijvers hoeven niet op zoek te gaan naar de producten de websites van producenten. Ze komen alles tegen in de BCB! Alle productinformatie is 100% BIM, maar bereikt ook de traditionele markt.

Daarom is BouwConnect een ideaal platform voor de bouwbrede verspreiding van uw productinformatie. CAD wordt aangeboden in 2D en 3D, en bestekteksten voldoen aan de gebruikte STABU-specificaties. Voor verschillende producten kan de BCB maatwerk genereren, voorbeelden hiervan zijn lichtstraten, schuifdeuren, liften, ventilatieroosters etc. Ook kunnen uw producten toegepast worden in nieuwbouw- en renovatieconcepten die met WoonConnect in de markt worden gezet.

De gratis BouwConnect Bibliotheek is geschikt voor Revit, Revit-Pragma, AutoCAD, AutoCAD ALFA, AutoCAD LT, ARKEY8-ASD en ADOMI-ASD.

Alle fabrikantgebonden productinformatie is gratis. Voor abstracte producten en materialen kunnen bouwkundigen een abonnement afsluiten. Download de BouwConnect Bibliotheek en ontdek de mogelijkheden. Het downloaden van de Bibliotheek is geheel vrijblijvend.

  • Website CB-NL en WiKi CB-NL

De website van CB-NL is vernieuwd. Ook is recent de WIKI, waarin CB-NL is gedocumenteerd, verschenen. Op de website vind je een video van nog geen 4 minuten met uitleg over CB-NL. CB-NL is met een browser te raadplegen. CB-NL wordt getest in zogenaamde use cases. Op de site zijn deze testen te volgen.

20 november 2014 is tijdens het Europees GeoBIM congres in Amsterdam een sneak preview gegeven. Achtereenvolgens werden in korte presentaties, nut en noodzaak, het bouw proces, de ontwikkeling van de browser, de uitgevoerde eerste testen (use cases) en de visie van de klanten op het gebruik van CB-NL geschetst en tot slot werd een doorkijkje naar de toekomst gegeven. Hier kan je een video zien die een impressie geeft van de dag. Op Youtube zijn de opnamen van alle bijdragen die dag te vinden.

  • Kenniskaarten

De Bouw Informatie Raad publiceert van tijd tot tijd zogenaamde kenniskaarten. Tot nu toe zijn 4 kaarten gepubliceerd: de Nederlandse BIM-levels, de Open BIM-standaarden kaart, BIM juridisch algemeen en BIM juridisch checklist werkafspraken. Ze spelen een rol in de kennisoverdracht en -verspreiding. Recent is daaraan toegevoegd de kennisposter BIM toepassingen. Deze poster vindt zijn oorsprong in een rapport, The uses of BIM, opgesteld door de Universiteit van Pennsylvania. Van de toepassing van BIM, naamgeving modellen in de verschillende fasen van bouw, bestaat ook een mooie, illustratieve figuur.

  • Framework Connect & Construct

Het Framework biedt kleine en middelgrote bedrijven in de bouw- en vastgoed sector de mogelijkheid digitaal samen te werken aan één bouwwerk. Het platform is ontwikkeld in opdracht van de EU. Het Framework is vrij beschikbaar en gebouwd met open software. Daardoor is het Framework uniek en laagdrempelig. Het Framework is eenvoudig te bedienen, goed gedocumenteerd en werkt met instructieve op Youtube beschikbare video’s. Elk bedrijf of consortium van bedrijven kan haar eigen, veilige omgeving, per bouwwerk, maken. Medewerkers moeten geautoriseerd zijn om toegang te verkrijgen. De toegang kan per niveau van het project of rol verschillen.

Het Framework bestaat uit diverse modules, waaronder een module voor

project management (inclusief formats die gebruikt kunnen worden voor de inrichting van het management van een project);

document management systeem (DMS);

IFC bibliotheek (BIM server/surfer);

agenda;

discussie.

Op de homepage is ook een model om de digitale ‘maturity’ van een bedrijf te testen.

Het Framework is internationaal in enkele pilots getest. De criteria waren BIM server/surfer, document beheer, autorisaties en werkstromen projectmanagement. Met uitzondering van de BIM server waren de resultaten positief. De kritiek spitste zich vooral toe op het functioneren van de webserver en de software.

Opvallend was dat consortia in zuidelijke landen enthousiast waren over de document management module. Binnen één project bleef alle versies van documenten, foto’s’ en andere files beschikbaar. Communicatie vond plaats via het Framework in plaats van de gebruikelijke e-mail. Tegelijkertijd zagen zij het Framework als overdrachtsmodule voor kennis en ervaring aan derden.

Een risico is de doorontwikkeling, het beheer en het onderhoud. Wie voelt zich verantwoordelijk voor het Framework en is bereid te investeren in de performance en onderhoud? De ontwikkelaars denken aan een governancestructuur met regels en principes (beheer gouvernementele instanties) en een MoU (promotie/beheer door marktpartijen). Ze zoeken deelnemers bouwbreed, overheden en ondernemers, die bereid zijn te investeren. De deelnemers zijn ook verantwoordelijk voor de uitrol van het platform.

In Nederland moeten nog veel MKB bedrijven de stap maken van documentgericht werken naar objectgericht werken (van 0 naar 1) , voordat de volgende stap, (modelmatig) samenwerken (van 1 naar 2) gezet kan worden. Het Framework helpt in de huidige vorm de eerste stap te zetten. Indien ook de IFC module goed functioneert en de koppeling tussen documenten en objecten in de IFC modellen tot stand is gebracht, helpt het Framework ook stap 2 te zetten.

Het onderhoud en beheer van het framework is overgedragen aan Contezza. Het platform is niet meer gratis. In een video wordt de werking van het platform uitgelegd.

  • Eén klik op een kaart: In 2024 is dat alles wat nodig is om alle informatie over een locatie te krijgen. Het informatiestelsel 'Laan van de Leefomgeving' moet alle beschikbare informatie verzamelen en digitaal beschikbaar maken.

Hoge onderzoekslasten, tijdrovende procedures en informatiemonopolies. Bouwers en ontwikkelaars klagen al jaren over de frustrerende eisen en zoektochten naar de juiste gegevens. Ook overheden lopen aan tegen een wirwar van gegevens, slecht op elkaar aansluitende ICT-systemen en gegevens die alsnog niet bruikbaar blijken voor besluitvorming.

De Laan van de Leefomgeving moet alle informatie bevatten die nodig is voor vergunningen of een omgevingsplan. Voor tien disciplines wordt een zogenoemd 'informatiehuis' ingericht: lucht, water, bodem en ondergrond, natuur, externe veiligheid, geluid, afval, cultureel erfgoed, ruimte en bouw. Doelgroepen zijn initiatiefnemers, belanghebbenden en het bevoegd gezag. Niet alleen worden begrippen geüniformeerd, de informatie moet ook dusdanig betrouwbaar zijn dat deze ook voor de rechter overeind blijft. Rijk, IPO, VNG en Unie van Waterschappen publiceerden afgelopen week een gezamenlijk onderzoek naar de kansen, voorwaarden, kosten en beperkingen van een nieuw informatiesysteem. "De huidige digitale informatievoorziening is versnipperd, wisselend van kwaliteit en niet goed toegerust op het verlenen van vergunningen en andere besluiten met rechtsgevolgen", constateren de onderzoekers.

Basis gegevens voor iedere locatie zijn straks in enkele muisklikken voor iedereen vrij beschikbaar, toegesneden op de locatie en de activiteit. Initiatiefnemers van bijvoorbeeld de bouw van een winkel centrum op een voormalig industrieterrein weten zo onmiddellijk of op een locatie de bodem verontreinigd is, bepaalde cultuurhistorische waarden of geluidsbeperkingen gelden. Het is zo sneller duidelijk of een initiatief kansrijk is en welke aanvullende onderzoeken moeten worden uitgevoerd.

De kosten voor het inrichten van een dergelijk stelsel schatten de onderzoekers op 209 miljoen euro, verdeeld over de verschillende overheden. Een indicatie van de mogelijke besparing is 341 miljoen euro; het grootste deel komt ten goede aan gemeenten en waterschappen. Het systeem moet worden gefinancierd door een revolving fund waarbij het ministerie van Infrastructuur en Milieu de eerste inleg doet.

Men verwacht tot 2016 bezig te zijn met het in de steigers zetten van het stelsel. In 2018 zijn de eerste onderwerpen als koploper ingericht, waarna het stelsel gebruiksklaar moet zijn in 2021.

De onderzoekers wijzen op de lessen van eerdere ICT-projecten, zoals de basisregistraties en het Omgevingsloket. Zo moet de doorlooptijd niet te lang zijn, kunnen projecten vastlopen als ze te omvangrijk worden of als systemen als één massief ICT-project worden gebouwd. Bij de Wabo en het Omgevingsloket was het een probleem dat de definities nog veranderden, terwijl het systeem al in aanbouw was. Dat zorgde voor hogere kosten en langere doorloop tijden.

Ook gegevens die gebruikers en initiatiefnemers verzameld hebben komen in de database en worden zo met het bevoegd gezag en andere belanghebbenden gedeeld, tenminste voor zover dit geen bedrijfs- of pricvacy gevoelige informatie betreft. "Op die manier worden dubbel werk, nodeloos overtikken, fouten en misverstanden of opnieuw onderzoeken voorkomen", denken de onderzoekers.

Voor onderzoeksbureau Alterra heeft de komst van het nieuwe stelsel geen gevolgen. "Al onze onderzoeken zijn nu al openbaar, omdat we onderzoek doen met publiek geld. Iedereen mag het ook overal voor gebruiken", reageert de woordvoerder. "Voor onze directe werkwijze en werkzaamheden heeft het waarschijnlijk geen gevolgen, maar ik kan me voorstellen dat als alles naast elkaar staat, het ook duidelijk wordt waar de hiaten zitten en waar aanvullend onderzoek nodig is."

Animatie: Laan van de Leefomgeving, digitalisering van het omgevingsrecht

Bron: Cobouw nieuwsflash

  • Workshop huisvesting opgave scholen, 4 februari 2015, Multifunctioneel centrum, Burg Haaften

In 2013 en 2014 ben ik betrokken geweest bij de organisatie van de workshop huisvesting opgave scholen vanuit de Bouwcampus i.o. De workshop vond plaats 4 februari 2014.

Introductie

De verantwoordelijkheid voor het binnen- en buitenonderhoud van basisscholen en scholen voor speciaal onderwijs komt per 1 januari 2015 bij de schoolbesturen te liggen. Samen met een aantal andere schoolbesturen en gemeenten wordt hierop geanticipeerd. Schoolbesturen zijn geïnteresseerd in hoe de huisvestingsopgave kostenbewust, hand in hand gaat met het verduurzamen van de gebouwen, aangepakt kan worden. De partners Bouwcampus willen daarbij helpen. De workshop vindt plaats op woensdag 4 februari 2015 van 12:30 tot 18:30 in de Burgh van Haaften, Multifunctioneel Centrum te Haaften. In de workshop worden zo’n 40 mensen bij elkaar gebracht; schoolbesturen, hun huisvestingsmedewerkers, betrokken gemeenteambtenaren en partners van de Bouwcampus. Partijen die al verschillende ervaringen hebben opgedaan in het proces van door decentralisatie van onderhoud en dat graag willen delen. De dagvoorzitter is Hans Scholten van de PO raad. In een workshopcarrousel kunnen drie workshops worden bezocht met een wisselende samenstelling van deelnemers. De partners van De Bouwcampus hebben hiertoe met experts de volgende interactieve workshops opgezet:

Financiering met Jan Schraven van Ruimte OK. In deze workshop zullen de effecten van de nieuwe financieringssituatie besproken worden. Eigendom van gebouwen, eigen vastgoed/onderhoudsdienst of alles uitbesteden zijn een aantal van de onderwerpen die langs komen.

Energie en binnenmilieu met Atze Boerstra van BBA binnenmilieu. Het verduurzamen en de aandachtspunten daarbij komen hier breed aan bod. Tevens de ervaringen die diverse schoolbesturen al hebben met bijvoorbeeld Frisse Scholen of Passief scholen.

Toekomstwaarde met Marius Berendse van KPC. Zeker van belang bij het beheer en veranderen van schoolgebouwen is hoe het gebouw aansluit op de veranderingen in de benadering van het onderwijs. Tips, gedachtegangen en het uitwisselen van ervaringen staan hier voorop.

Beter presteren tegen minder kosten. In het ‘school-café’ worden na afloop van de workshops de openstaande vragen verzameld en gaan de deelnemers, in discussiegroepjes in wisselende samenstellingen, in een aantal discussie-rondes met elkaar de uitdaging aan om oplossingsrichtingen helder boven tafel krijgen. Op doe wijze wordt een lijn uitgezet voor een vervolg. De partners van de Bouwcampus zijn de kennisdragers voor de bouw: een overzicht van alle betrokken organisaties vindt u op www.debouwcampus.nl/partners. Samen willen zij de verbinding met opdrachtgevers en de markt aangaan, om nieuwe kennis en betrouwbare producten en diensten te ontwikkelen, en uit te geven. Zo willen we opdrachtgevers en bouwpartners ondersteunen in het realiseren van hun huisvestingsprojecten.

Met de expertise en kennis van de markt, van huisvestingsmogelijkheden en van verduurzaming, kunnen de partners schoolbesturen ondersteunen in hun zoektocht naar een passende vorm van opdrachtgeverschap. Dit doen we door kennis over verschillende oplossingsrichtingen aan te reiken; welke mogelijkheden zijn er om te verduurzamen, qua onderhoud en qua exploitatie?

Programma:

12:30 inloop met koffie/thee

13:00 opening, welkom en introductie thema/ dag

carrousel workshops in 3 rondes van 3 workshops

Workshop 1: Financiering

Workshop 2: Energie en binnenmilieu

Workshop 3: Toekomstwaarde (functioneel)

korte pauze

plenaire terugkoppeling uit de workshops

'schoolcafé' in 4 korte discussierondes onder het genot van een drankje

plenaire terugkoppeling en "oogsten pareltjes"

18:15 einde programma

nog even na borrelen

  • Waardenonderzoek: rapportage

'BIM' wordt door velen in en buiten de bouw gezien als het ideale model voor het realiseren van bouwwerken. Je zou verwachten dat bouwen met BIM, breed wordt omarmd in de bouwsector. Toch is dat niet het geval. Dit was voor de BIR aanleiding om te onderzoeken welke waarden er een rol spelen bij mensen die in de bouw werkzaam zijn als het gaat om de acceptatie van nieuwe ontwikkelingen en samenwerken met bouwpartners. Waarden zijn persoonlijke drijfveren van mensen én kenmerken van de cultuur in een organisatie. Inzicht in die waarden is nodig om te weten welke belemmeringen er zijn bij de verdere implementatie van BIM in het bouwproces. Om de cultuurwaarden ten aanzien van BIM in kaart te brengen is in 2013, met steun van NWO, een grootschalige enquête uitgevoerd in de bouwsector. Bijna 1000 respondenten, waarvan ongeveer de helft zelf ook met BIM werkt, hebben daaraan meegewerkt en inzicht gegeven in de vraag wat men zag als huidige en gewenste waarden. Voorbeelden van waarden zijn hierbij menselijke integriteit, openheid, flexibiliteit, vertrouwen. De resultaten van de enquête komen er kort samengevat op neer dat meer samenwerking, meer informatie delen, meer teamwerk, meer duidelijkheid en meer open communicatie noodzakelijke waarden zijn om de mogelijkheden van BIM geheel te kunnen benutten. Echter, tegelijkertijd liggen er belemmeringen vanuit de organisatie zoals contractvormen en de barrières in de huidige bouwcultuur, wantrouwen en korte-termijn denken. Het besef groeit dat partijen dit toch moet veranderen, maar dat die cultuurverandering tijd kost. De overall conclusie is dat BIM vooral een samenwerkingsmodel is en niet zozeer een technische tool. Het rapport kan door hier te klikken gedownload worden.

  • Aansprakelijkheid BIM: onterechte angst voor aansprakelijkheid BIM

Met z’n allen samen in één BIM-model werken is niet de juridische nachtmerrie die het op het eerste gezicht lijkt, zo stellen Jody van Leeuwen, Peter van Luijn en Remko Wiltjer. Angst is niet nodig – heldere afspraken maken, vastleggen en nakomen wél.

Iedereen die ooit overwoog om te gaan bimmen, heeft erover nagedacht. Sommige mensen hebben er misschien van wakker gelegen. En een aantal heeft er om die reden zelfs van afgezien: juridische aansprakelijkheid. Verschillende partijen die tegelijkertijd samen in hetzelfde digitale gebouwmodel werken, een model waarin dagelijks tientallen wijzigingen worden aangebracht en waarin partijen ook aan elkaars werk kunnen zitten. Hoe zorg je dan dat je niet de bietenbrug op gaat?

Voor het antwoord is het belangrijk om te kijken in hoeverre BIM in dit opzicht afwijkt van traditioneel, standalone werken. Dat verschil is vaak klein. Zo werken bij zo’n 80 tot 90 procent van de huidige BIM-projecten partijen namelijk helemaal niet samen in één model. Daar is wat voor te zeggen. Ieder werkt met zijn eigen software in zijn eigen 3D-model en wisselt dat regelmatig met de anderen uit. Die verstuurde digitale modellen zijn de bewijsstukken, zoals vroeger de tekeningen die op de post gingen.

Partijen importeren die modellen vervolgens, zien tientallen tot honderden clashes, oftewel wijzigingen die de anderen hebben aangebracht, en passen hun model daarop aan. En net als bij traditioneel werken heeft iedereen de plicht om aan de bel te trekken als hij een fout vermoedt. Op deze manier kunnen fouten veel makkelijker opgespoord én hersteld worden. Faalkosten tijdens de bouw worden zo aanmerkelijk gereduceerd.

Achteraf is in deze light-versie van BIM eenvoudig vast te stellen wie een fout heeft gemaakt. Maar hoe zit dat als partijen wél samen in één model werken? Ook dan heeft iedere ontwerper en adviseur zijn eigen domein. In het gezamenlijke model kan alleen de constructeur de constructie aanpassen, alleen de installatieadviseur de installaties, etcetera. Zodra een onbevoegde dat probeert, krijgt de bevoegde partij een melding. Die moet vervolgens expliciet toestemming geven.

Iets lastiger wordt het in fasen waarin er dagelijks zo veel verandert dat steeds over en weer toestemming vragen in de praktijk onwerkbaar is. Vaak wordt het model dan ‘opengezet’: meerdere partijen kunnen op dat moment wijzigingen in elkaars werk aanbrengen. Hoewel vertrouwen uiteraard altijd de basis van samenwerking is, is dát alleen in het kader van juridische aansprakelijkheid niet voldoende – je zult goede afspraken moeten maken, vastleggen in een zogenaamd protocol én nakomen.

In zo’n protocol leg je onder meer de onderlinge verantwoordelijkheden vast, wie op welk moment wat aanlevert en hoe er wordt omgegaan met wijzigingen en eventuele fouten. Ook moet duidelijk zijn wanneer het model weer wordt ‘gesloten’. Dat is immers het teken voor iedere partij om het eigen onderdeel nauwgezet te controleren. Overigens is achteraf nog altijd in de logboeken te achterhalen wie in de ‘open’ fase welke wijziging heeft aangebracht. Dat is echter zelden nodig.

Op dit moment wordt een BIM-model namelijk nog niet als contractstuk gebruikt. Ook bij ‘echt’ bimmen genereert elke partij uit het gezamenlijke model nog altijd tekeningen, maakt een bestek en verstuurt beide naar de klant. Er vinden dus precies dezelfde checks plaats als bij traditioneel werken. Het BIM-model zelf wordt vaak wel meegestuurd, maar dan puur om de geometrische vormen weer te geven – alleen ter informatie dus.

De volgende stap is natuurlijk dat het BIM-model wél het contractstuk is. Daarvoor is nog veel werk nodig. Zo moet eerst de DNR aangepast worden op het gebied van ontwerpintegratie en -aansprakelijkheid. En er moeten betere manieren worden gevonden om de complete informatieoverdracht via BIM te laten verlopen. Toch verandert dat inhoudelijk weinig aan de traditionele rolverdeling en dus aan de aansprakelijkheid van partijen. Wat vooral verandert, is de vorm.

Iedere verandering gaat gepaard met onzekerheid en angst. Hoe begrijpelijk ook, nodig is dat niet.

Jody van Leeuwen, Peter van Luijn en Remko Wiltjer

Bron: Cobouw nieuws site. Publicatie datum: 30-04-2014

  • 3D printen

Met 3D-geprinte producten valt de komende jaren veel geld te verdienen. Het economisch bureau van ABN AMRO bank verwacht dat de markt de komende tijd met zo’n 30 procent per jaar groeit. De wereldwijde omzet bedraagt nu 2,2 miljard dollar. In 2015 is dit naar verwachting opgelopen tot ruim 3,7 miljard dollar en in 2019 tot zo’n 6,5 miljard. In Nederland houden nu tientallen organisaties zich met 3D-printen bezig, dat is inclusief architectenbureaus die de techniek gebruiken voor het maken van maquettes, waaronder Mecanoo en Vaessen Bouw & Ontwikkeling. Het Nederlandse Ultimaker is zeer succesvol met de verkoop van consument gerichte 3D-printers en het Nederlandse Shapeways is ‘s werelds grootste 3D-printing marktplaats en community.

3D-printing is een vorm van additive manufacturing productietechniek (ook wel rapid prototyping of rapid manufacturing genoemd) die een digitaal bestand om kan zetten naar een tastbaar object. Het object wordt laagje voor laagje opgebouwd door de 3D-printer in een 3D-model. Het uitgangspunt voor een 3D-geprint object is een digitaal ontwerp. Professionele ontwerpers en architecten gebruiken hiervoor design software zoals Autodesk 123D en Google SketchUp. Uiteindelijk wordt het object geprint van een materiaal zoals: goud, zand, PLA (biologisch afbreekbaar plastic, gebaseerd op maïszetmeel), chocolade – de Star Trek (food) replicator komt eraan want NASA is begonnen met de financiering van de oprichting van een 3D-printer die items zoals pizza uit voedzame pasta’s zal repliceren – en in de toekomst ook van menselijk weefsel. Een 3D-printer is eigenlijk een soort minifabriek die ter plekke objecten kan uitprinten.

3D-printing zal de wereld gaan veranderen. In de toekomst zullen massaproducten nog meer plaats gaan maken voor gepersonaliseerde producten. Consumenten zullen meer en meer hun eigen producten maken, aanpassen en 3D-printen. Sommige banen zullen verdwijnen en nieuwe banen zullen ontstaan. Organisaties zullen geld verdienen met het aanbieden van aanpasbare producten en door verkoop van product bestanden. Veel producten – zoals bijvoorbeeld deurkrukken – zullen uit voorraden verdwijnen met als gevolg dat deze ontwikkelingen niet alleen een revolutie in de supply chains betekent, maar ook groei van het bewustzijn rondom recycling (als onderdeel van de circulaire economie), met nieuwe commerciële vooruitzichten als gevolg.

De Italiaan Enrico Dini – civiel ingenieur en de bouwer van de grootste 3D-printer ter wereld – printte onder andere al een huis, een hut en muurschermen. De Nederlandse architect Jan Jaap Ruijssenaars heeft een 12.000 vierkante meter ‘huis, zonder begin of einde’ ontworpen en hij is van plan om het hele object met een D-shape 3D-printer van Enrico Dini te bouwen en wat ongeveer vier miljoen euro zou moeten gaan kosten. Daarnaast is de bouw van het eerste 3D-geprinte ‘grachtenpand’ in ontwikkeling en zal in Amsterdam-Noord te bewonderen zijn. Het grachtenpand is een initiatief van DUS architects en zal geheel worden geprint met de KamerMaker, ‘s werelds eerste verplaatsbare large-scale 3D printer. Hoewel de belangrijkste uitdagingen van 3D-printing liggen bij de verwachtingen die worden gewekt, bouwkwaliteit, (kost- en materiaal) prijs en gebruiksvriendelijkheid, zie ik voor de bouwsector drie redenen om zich te verdiepen in deze nieuwe productietechniek:

3D-printing biedt organisaties de kans zich voor te sorteren op de toekomst. Omdat het een nieuwe industriële revolutie tot gevolg zal hebben. De wereld van de bouwsector gaat door de 3D-printer, in combinatie met het internet, veranderd worden zoals het internet de wereld van de media veranderd heeft;

Revolutionaire bouwproductontwerpen zullen niet lang op zich laten wachten. Dit betekent dat er nieuwe business modellen ontstaan die inspelen op klantvragen;

De potentiële mogelijkheden voor het leveren van maatwerk zijn groots en daarnaast gaat het overproductie en verspilling tegen, reduceert het , transportbewegingen en het brengt werkgelegenheid dichterbij de klant.

3D-printing is geen wondermiddel, maar het beïnvloedt wel het maakproces, de hele manier van denken en sluit aan bij de belevingswereld van de toekomstige generatie. De 3D-printing (circulaire) toekomst voor de bouwsector ligt in het omarmen van de mogelijkheden om mensen ideeën, ontwerpen en producten uit te laten wisselen, kortom de ‘maker-movement’. Welke kansen zie jij voor jouw organisatie en de sector?

Bron: http://www.cobouw.nl

  • Spoordata.nl.

Het veranderprogramma Spoordata heeft als doel de informatie van het spoor te organiseren, vindbaar, universeel toegankelijk, betrouwbaar en bruikbaar te maken, voor iedere speler in de spoorbranche. Initiatiefnemer en eigenaar is Prorail. Om indruk te krijgen bekijk dan het volgende filmpje.

Prorail is actief in standaardisering en uniformering van data. Recent verplichten ze ook het gebruik van NLCS (zie BIM uitgediept, hoofdstuk 3) door voor haar werkende uitvoerende en voorbereidende partijen.

  • Beter beheer met BIM

Beter Beheer met BIM is het vierde deel uit een reeks publicaties en richt zich op de ontwikkeling van BIM in brede context. De uitgave is een bundeling van alle ontwikkelingen van de afgelopen 2,5 jaar op zowel technisch als procesmatig vlak. Beschreven wordt de rol van BIM in de beheerfase van een gebouw, waarover eerder al een rapport verscheen onder de naam BIM in beheer Biedt Kansen. Het boekje is zo opgezet dat ook voor beginnende BIMmers duidelijk wordt waarom BIM niet alleen ingezet wordt tijdens het ontwerp en de uitvoering, maar ook gedurende de jaren na de oplevering van een gebouw.

deBIMnorm.nl

1 november 2011 heeft de Rijksgebouwendienst, vanwege de behoefte aan concrete, betrouwbare en uniforme informatie over de gebouwenvoorraad, de RVD BIMnorm gelanceerd. De BIMnorm wordt inmiddels door de RVD voorgeschreven in diverse lopende en alle toekomstige PPS aanbestedingen. Inmiddels is de BIMnorm breed geaccepteerd als eerste versie van een nationale BIM standaard en wordt deze ook door andere opdrachtgevers reeds toegepast. Ten behoeve van het controleren van de kwaliteit van modellen hebben ZEEP en deBIMspecialist in opdracht van de RVD de Solibri* regelset ontwikkeld voor de Rgd BIM Norm. Deze regelset is opgezet voor het checken op de technische vereisten van IFC-modellen conform de RVD BIM Norm versie 1.1.

De Solibri regelset** voor de RVD BIM Norm is vrij te downloaden op www.deBIMnorm.nl. Met deze release wordt de verdere ontwikkeling van de regelset aan de markt overgelaten. De RVD verwacht hiermee dat in Nederland een volgende stap gezet kan worden in de goede richting. De afgelopen jaren zijn ZEEP en deBIM-specialist intensief betrokken bij de ontwikkeling van de BIMnorm. Daarnaast hebben ZEEP en deBIMspecialist diverse andere opdrachtgevers en consortia begeleid met het toepassen van de BIMnorm. Met het ontstaan van de samenwerking in de vorm van ‘deBIMnorm.nl’ zal deze kennis met de markt gedeeld worden in de vorm van workshops, lezingen en adviestrajecten, maar zal ‘deBIMnorm.nl’ ook als vraagbaak dienen voor iedereen die meer wil weten van de BIMnorm. Toekomstige ervaringen zullen worden teruggekoppeld om de BIMnorm verder uit te breiden en een nog bredere aansluiting met de marktbehoeften te vervullen.

De vrijgave van de Solibri regelset zal naar verwachting een nog bredere acceptatie van de BIMnorm tot gevolg hebben, hetgeen de ontwikkeling, en dus de uniformiteit binnen BIMmend Nederland verder zal bevorderen. Dit sluit goed ook bij de doelstelling van de BIR (lange termijn) om de kwaliteit, de continuïteit en (internationale) concurrentiepositie van de bouwsector in Nederland te verbeteren en draagt het initiatief bij om op korte termijn een vliegwiel in gang te zetten voor de implementatie van BIM in Nederland. Dit wil de BIR doen door het creëren van condities om eind 2014 samen te kunnen werken met BIM open standaarden.

Sinds de lancering van Solibri 9 zijn ZEEP en deBIM-specialist druk bezig geweest om de Regelset verder door te ontwikkelen en geschikt te maken voor de laatste versie van Solibri. Met trots kunnen wij aankondigen dat deze Regelset gereed is en inzetbaar voor toetsing van projecten.

Download hier de regelset** voor Solibri 8.1.

* Solibri Model Checker is BIMsoftware dat zowel ontwerp- als modelleerfouten opspoort en een gedetailleerde 3D-visualisatie én rapportage van de eventuele problemen maakt.

**De regelset, d.d. 19-07-2013 voor Solibri versie 8.1.0.67, is opgezet voor het checken op de technische vereisten van IFC-modellen en omvat checks voor de bouwkundige en ruimtelijke elementen. De regelset bestaat deels uit automatische checks en deels uit visuele checks. De regelset is vrij te downloaden en te gebruiken, ook voor commercieel hergebruik. Aan het gebruik van deze regelset zijn evenwel geen rechten te ontlenen. De regelset, als zijnde “open source”, mag vrij aangepast worden, doch nooit gepresenteerd worden alsof onder of uit naam van de RVD.

  • Volwassenheid BIM

Hoe ver is een bedrijf, zijn bedrijven in hun BIM ontwikkeling. Onderstaande figuur onderscheidt in het gebruik van BIM niveaus. Op niveau 0 wordt informatie op papier uitgewisseld. De representatie kan maar hoeft niet gestandaardiseerd te zijn. Op niveau 1 en 2 wordt gewerkt met modellen, gebaseerd op (3D) objecten en wordt samengewerkt door files uit te wisselen. Op niveau 2 wordt files uitgewisseld die met elkaar gemapt kunnen worden omdat de talen gemapt zijn. Op het 3e niveau wordt samengewerkt in één taal (bibliotheek), één proces en één data set. Als de samenwerking de gehele levenscyclus betreft en wijzigingen real time worden verwerkt en voor iedereen die het aangaat beschikbaar is, is sprake van het bereiken van het hoogste doel. De meeste bedrijven bevinden zich op niveau 0 of 1. Enkele bedrijven experimenteren met niveau 2. De figuur komt van de site van de Engelse regering, maar is wijd verspreid in verschillende gedaantes. De Engels regering wil in 2016 niveau 2 hebben bereikt (doel)

Een interessante en lezenswaardige publicatie is: PAS 1192-2:2013, The British Standard Institution February 2013

  • Samen, sneller, slimmer

Samen, sneller, slimmer is een optimistisch boek over de bouw. Onder het motto 'verspil nooit een crisis wordt in dit boek geconcludeerd dat de sector zichzelf opnieuw aan het uitvinden is. Begrippen als BIM, assetmanagement, lean-productie, ketensamenwerking en levensduur denken die uitmonden in veelbelovende innovaties worden behandeld. Het boek bevat interviews en praktijkvoorbeelden. Het is een waardevol boek voor iedereen die inziet dat een crisis bij uitstek het moment is om te innoveren.

De auteurs zijn Getrud Blauwhof, lector Innoverend Ondernemen aan de Haagse Hogeschool, Ben Spiering, innovatiemanager bij Rijkswaterstaat en Willem Verbaan, econometrist. Ik heb tezamen met 5 collega's uit de bouw een bijdrage mogen leveren.

  • BIM browser

De BIM browser stelt je in staat modellen opgeslagen op de BIM server te inspecteren op je telefoon. Je ziet alle objecten en hun eigenschappen en een 3D representatie. De browser is door TNO voor de I-Phone en Android toestellen ontwikkeld. Je kan de browser downloaden.

  • BIM atelier op RDM campus

In 2011-2012 is op de Hogeschool Rotterdam het SIA RAAK MKB onderzoek Barehouse BIM uitgevoerd, onder leiding van lector C.M. Ravesloot. Het budget van deze subsidie was aan het einde van dit project nog niet helemaal gebruikt. Met toestemming van de subsidieverstrekker is er een vervolgproject gestart: BIM in Concept House Village (CHV).

  • Living Lab

CHV is een unieke, gebruikers georiënteerde testomgeving voor duurzaam bouwen, wonen en duurzame gebiedsontwikkeling. Het is een Living Lab waar innovatieve woningen, producten en systemen getest worden door en met de bewoner. CHV is een reëel en virtueel innovatienetwerk dat ruimte biedt voor onderzoek, onderwijs, experimenteren, testen en vermarkten. Zie www.concepthousevillage.nl

  • Opname BIM in opleiding

Beide subsidietrajecten zijn de aanjager geweest van een brede ontwikkeling met betrekking tot BIM op de Hogeschool Rotterdam. De Hogeschool erkent de essentiële rol van BIM voor de bouwsector en zal de studenten voorbereiden op het veranderende werkveld. Om dit proces te versnellen heeft lector Ravesloot voor de periode 2014-18 de opdracht gekregen om BIM en bijbehorende projectinnovatie samen met de docenten in de opleidingen te implementeren.

  • Ook voor uw BIM-cursus

Op RDM Campus wordt hiervoor een uitstekend geoutilleerd BIM-atelier ingericht dat beschikbaar is voor studenten, docenten en partijen in het werkveld waarmee wordt samengewerkt. Daarnaast is het BIM-atelier beschikbaar voor BIM-cursussen, al an niet georganiseerd door de Hogeschool Rotterdam.

Voor meer informatie: Bert Hooijer, directeur RDM, Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.

  • CB-NL: droom of werkelijkheid

Hoe actueel en vooruitstrevend de conceptenbibliotheek is blijkt wel uit het artikel in de NRC van 11 december 2013: 'De wereld in hapklare brokken'.

Recent is er een video gemaakt over de werking van CB-NL. Ook is er een video leerzaam interview gemaakt met een bij de ontwikkeling van CB-NL zeer dichtbij betrokken medewerker van Ballast Nedam: Mark den Heijer, BIM-specialist, verantwoordelijk voor de implementatie van BIM bij Ballast Nedam.

  • Drones

Eind oktober heb ik in stadion Galgewaard, Utrecht , een demonstratie, verzorgd door bureau de Bont, met een ‘Drone’ bijgewoond. De Drone is momenteel uitgerust met een fototoestel of video camera, maar kan per februari 2014 ook uitgerust worden met een laserscanner.

De Drone wordt benut voor:

-visuele inspecties en opnames van de toestand van onderhoud van kunstwerken, die moeilijk te bereiken zijn;

-kartering, 3D mapping.

Het voordeel is de snelheid en het feit dat de Drone opnames maakt die gedocumenteerd worden. De snelheid en het niet hoeven gebruiken van kranen en/of hoogwerkers leidt tot aanzienlijke verlaging van de kosten.

Indien begin 2014 ook de laserscanner voor de Drone beschikbaar is, kan een nauwkeurigheid van 1 tot 2 millimeter bereikt worden. Met de digitale camera is de nauwkeurigheid 1 tot 2 centimeter. Deze nauwkeurigheid is bij grondverzet vaak ruim voldoende.

Voor een impressie van de demonstratie klik je hier en voor de presentatie door de initiatiefnemer, de groep Bureau de Bont, hier

  • BIR Event: verslag en presentaties

16 oktober vond in de Doelen de 3e Event van de Bouw Informatie Raad plaats. Het verslag van die dag en de presentaties vind je hier.

  • Vers van de pers: Optimistisch boek over de bouw

Op woensdag 25 september werd tijdens het seminar ‘Innoveren in de bouw’ bij De Haagse Hogeschool het eerste exemplaar van ‘Samen, sneller, slimmer – Innoveren in de bouw’ overhandigd aan Jan Hendrik Dronkers, Directeur Generaal Rijkswaterstaat. Dit boek is geschreven door Gertrud Blauwhof (lector innoverend Ondernemen aan de Haagse Hogeschool), Ben Spiering (innovatiemanager bij Rijkswaterstaat) en Willem Verbaan (econometrist). Ik heb een bijdrage aan het boek geleverd. Het is 'een optimistisch boek'. Te midden van massaontslagen, faillissementen en een stagnerende woningmarkt is het moeilijk voor te stellen dat de rol van de sector fundamenteel kan veranderen en een nieuwe maatschappelijke betekenis kan krijgen. Toch bieden de vele interviews en praktijkvoorbeelden in het boek een inspirerend toekomstperspectief aan architecten, bouwbedrijven, ontwikkelaars en opdrachtgevers. De sector is zichzelf opnieuw aan het uitvinden, zo blijkt: BIM, assetmanagement, Lean productie, ketensamenwerking en levensduur denken raken snel ingeburgerd en zetten bedrijven en overheden aan tot veelbelovende innovaties. Samen Sneller Slimmer is een waardevol boek voor iedereen die inziet dat een crisis bij uitstek het moment is om te innoveren!

Meer informatie en bestellen: http://www.samensnellerslimmer.nl

  • Woningcorporatie ontwikkelt BIM protocol

Woningbouwcorporatie Eigen Haard uit Amsterdam heeft een BIM protocol gepubliceerd. Een initiatief dat navolging verdient onder collega woningbouwcorporaties. Doelstelling van het protocol is om voor alle partners van Eigen Haard een eenduidig beeld te scheppen van de aanpak en de verwachtingen wat betreft de te leveren resultaten en de kwaliteit per fase in het bouwproces. Met de afspraken in dit BIM protocol wordt beoogd de noodzakelijke voorwaarden te scheppen voor effectief gezamenlijk werken: zowel bij het opbouwen van het BIM, de verschillende aspect modellen, als het uitwisselen en beheersen van informatie. Dit BIM-protocol wordt per project specifiek ingevuld, aangepast en gebruikt ter ondersteuning van de oplevering van een goed BIM-project. Om het BIM-model te kunnen gebruiken voor gebouwbeheer en onderhoud zijn de omschreven modelleerafspraken en hoeveelhedenlijst een harde eis. Het overige wordt geadviseerd en kan gebruikt worden naar inzicht.Tijdens het BIM Open op 3 oktober in Arnhem (http://www.bimopen.nl/) hield Dirk Jan Kroon, werkzaam als senior projectontwikkelaar bij Eigen Haard, een enthousiast verhaal over de ervaringen het protocol in de praktijk.

  • CB-NL: het laatste nieuws

Op 16 oktober 2013 presenteerden software bedrijven hun aansluitingen op CB-NL. Je treft hier 2 voorbeelden daarvan aan van respectievelijk Cadac en Stabiplan. Jaap Bakker schetste kort wat CB-NL is. CB-NL is gepresenteerd tijdens de buildingSMART bijeenkomst in München van dit jaar. Tussen CB-NL en buildingSMART is een MOU getekend voor intensieve samenwerking.

  • Plan van aanpak IFC

In op dracht van de Bouw Informatie Raad heb ik een Plan van aanpak IFC (voor Infra) opgesteld. Ter toelichting van de inhoud is een korte Powerpoint presentatie gemaakt.

Tijdens de Stumico bijeenkomst, 24 april jl, hield Jacob Beetz, TU Eindhoven, een presentatie over BIM en GIS interoperabiliteit, waarin hij ook de meest recente ontwikkelingen en voornemens binnen IFC voor Infra, alignment en IFC voor kademuren, liet zien.

  • Opvolging familiebedrijf vertrouwenskwestie: de week van de ondernemer, april 2013, Beatrix theater, Utrecht

Opvolging is een belangrijke kwestie voor familiebedrijven. Vooral vertrouwen speelt een voorname rol, zo blijkt uit de inspiratiesessie ‘Leiderschap in het familiebedrijf’ tijdens de Week van de Ondernemer. Zorg bij opvolging voor voldoende vertrouwen, zowel geven als krijgen. En vergeet niet je familie en hun verwachtingen, die moet je managen”, zegt Mariël van Kampen, directeur van een familiebedrijf. “Ook balans in privé- en werktaken is belangrijk." "Begin tijdig met het opvolgingstraject", voegt FBNed-voorzitter Tjebbe Nabuurs hieraan toe. "Pak het ook niet te informeel aan, maar maak er een proces van, inclusief notulen. Bovendien is het belangrijk niet alleen de harde kant, maar ook de zachte kant in de peiling te houden. Obstakels schuilen volgens Nabuurs vooral in het vaststellen van de kenmerken waaraan de nieuwe directeur moet voldoen. "En je moet je afvragen wanneer je precies een externe partij moet aantrekken." "Het bepalen van de geschiktheid hangt ook af van de fase waarin een bedrijf zich bevindt", stelt Van Kampen. "Bij een jong familiebedrijf zijn er minder kapers op de kust voor de leiderschapspositie." Typisch voor familiebedrijven is dan ook dat er regelmatig gekozen wordt voor meerdere opvolgers. In sommige gevallen kent een familiebedrijf zelfs twee algemeen directeuren. Ook wordt er vaak gekozen voor een verdeling van de verschillende directeursposten onder het nageslacht en wordt de een bijvoorbeeld financieel directeur, terwijl de ander tot commercieel directeur benoemd wordt.

  • Beheer en onderhoud Belastingkantoor Doetinchem: onderdeel van BIM

In februari dit jaar tekende facilitair dienstverlener Facilicom Services Group, als PPS partner van de Rijksgebouwendienst (Rgd), een intentieverklaring over de ontwikkeling van BIM (Bouwwerk Informatie Model) in het beheer en onderhoud van het kantoor van de Belastingdienst in Doetinchem. Doel is om binnen een termijn van twee jaar te komen tot opname van de Rgd BIM-norm in het bestaande PPS-contract. Het centrale idee achter BIM (Bouwwerk Informatie Model) is een digitaal driedimensionaal gebouwmodel waarin alle gegevens ten behoeve van het ontwerp-, bouw- en beheerproces zijn geïntegreerd en waarmee door alle betrokken partijen in dat proces wordt gewerkt. In de afgelopen jaren maakte Breijer in toenemende mate gebruik van BIM. Voor de Rgd vloeit het belang van BIM in de eerste plaats voort uit de behoefte aan concrete, betrouwbare en uniforme informatie over de gebouwenvoorraad, niet alleen in het kader van contractmanagement en vastgoedmanagement, maar ook ten behoeve van kwaliteitsmanagement en verantwoording op voorraadniveau. Om in de toekomst duurzaam over zo'n informatiebasis te beschikken, schrijft de Rgd aan huisvesting- en onderhoudsleveranciers een BIM-norm voor. De BIM-norm wordt voorgeschreven in alle toekomstige DBFMO aanbestedingen maar ook in een aantal lopende zoals het PPS-project in Doetinchem. 'Wij hebben hierin als toonaangevend bouwbedrijf duidelijk zelf het initiatief genomen. Dat kwam mede voort uit de behoefte aan een efficiencyverbetering van de eigen processen zegt Pieter Jan van Hooijdonk van Breijer Bouw en Installatie, onderdeel van Facilicom Services Group. 'De Rgd is erg enthousiast over dit project omdat het mogelijkheden biedt om de Rgd BIM-norm te toetsten binnen een lopend DBFMO contract. Verder wordt samen met Breijer gewerkt aan doorontwikkeling van de norm (Bron: website Breijer).

  • Microsoft 2020: de visie van Microsoft op onze toekomst

In de video geeft Microsoft haar visie hoe de wereld er in 2020 uitziet. Opmerkelijk is dat de ontwikkeling van computers, tablets, niet stilstaat, maar dat onze leefomgeving daarentegen ongewijzigd hetzelfde blijft. Het is overigens mijns inziens mogelijk met enige fantasie deze ontwikkelingen in verband te brengen met de bouw. In de video wordt de belangrijkste veranderingen in 2020 geprognosticeerd. Verlies nooit uit het oog dat in de toekomst kijken nooit echt mogelijk is en vaak trends bevat, gebaseerd op beelden van percepties anno 2013. Recent is een nieuwe video met als titel VISIONS2050EU verschenen.

http://www.bouwinformatieraad.nl/887

  • Google Glass: augmented reality door Google Project Glass wordt momenteel ontwikkeld door Google X, een research lab van Google

De augmented reality-bril bevat een klein schermpje voor het rechteroog, waarop informatie kan worden weergegeven. Ook is een camera ingebouwd om foto's en video's mee te maken. Een voorbeeld is te zien op de volgende video. Het is dus denkbaar dat een uitvoerder op de bouwplaats loopt en de bouw virtueel volgt en direct koppelt aan digitale modellen (constructies) , logistieke processen (bestelling bouwdelen), et cetera.

Recent verscheen er een lezenswaardige blog van Zachery Edelson over de betekenis van Google glass voor architecten.

  • Het huis van de toekomst: stichting Smart Homes

De Stichting Smart Homes is het kenniscentrum voor domotica en slim wonen. Domotica is: "De integratie van technologie en diensten, ten behoeve van een betere kwaliteit van wonen en leven." Bij Domotica draait het niet alleen om integratie van techniek en bediening in de woning, maar ook om de dienstverlening van buitenaf naar de woning. Er zijn vijf verschillende niveaus van woningautomatisering te onderscheiden: Woningen met intelligente objecten: woningen met losse standalone objecten en toepassingen die intelligent functioneren. Woningen met intelligente communicerende objecten: woningen met objecten en toepassingen die intelligent functioneren en ook onderling informatie uitwisselen om de functionaliteit te verhogen. Communicerende woningen: woningen met interne en externe netwerken, waardoor interactie tussen systemen en bediening over afstand mogelijk is, alsmede toegang tot informatie en diensten van zowel binnen als buiten het huis. Lerende woningen: woningen waarin patronen van activiteit worden herkend en waarin deze gegevens gebruikt worden om de technologie in de woning af te stemmen op de behoeften van de gebruikers. Reagerende woningen: woningen waarin de activiteiten en locaties van mensen en objecten voortdurend geregistreerd worden om aan de hand van deze informatie de technologie in de woning proactief te laten anticiperen op de behoeften van de gebruikers. Geïnteresseerd? Kijk naar de volgende video. Bron: Francis K. Aldrich – Inside the Smart Home. Voor meer informatie zie de site van stichting Smart Homes.

  • Augmented reality: zappar (voorheen: popcode)

Augmented reality, toegevoegde realiteit, is een vakgebied dat computer gemaakte beelden toevoegt aan rechtstreekse, reële beelden. In plaats van informatie af te beelden op klassieke en geïsoleerde beeldschermen, worden de data geprojecteerd in het gezichtsveld van de gebruiker (door middel van een head-mounted display of head-up display). Het maakt het verschil tussen de reële wereld en de virtuele wereld steeds kleiner en zorgt tevens voor eenvoudigere en gebruikersvriendelijke interfaces, ook voor complexere toepassingen. Voorbeelden daarvan vind je op de www.zappar.com (en de voorloper van zappar, www.popcode.info/developer). Zie de bijgevoegde video. In hoeverre deze ontwikkeling in de bouw een toekomst heeft is afwachten. Een toepassing zou kunnen zijn de instructies voor zelfbouwpaketten (zie dit eenvoudige voorbeeld op deze video). Door TNO, Leon van Berlo, Formitas (Dld) en Bentley zijn mooie video's gemaakt die de mogelijkheden van augmented reality illustreren. In de App Store zijn applicaties beschikbaar, zoals Boompoort ( zie site AM) en Le Grand, waarmee woningen (ontwikkeld door vastgoedontwikkelaar AM) kunnen worden bekeken. In juni heeft Gerard Meijer zijn afstudeeronderzoek Civiel techniek HRO, met als titel 'Beeldvorming door augmented reality. onderzoek naar welke toepassing van augmented reality raakvlakken in grootschalige infraprojecten beter in beeld kan brengen', afgerond en gepubliceerd.

  • Herbezinning op innovatie, organisaties en leiderschap: toekomstvisie

Bekijk de volgende video. Denk erover na en laat je inspireren. Het sociale aspect wordt steeds belangrijker in deze door de sociale media gedomineerde tijd.

  • Oplevering Concepten bibliotheek Nederland (CB-Nl): 20 november 2012, Gouda

De pilot CB-NL is opgeleverd (klik hier voor de samenvatting). De BIR heeft besloten per 1 januari 2013 te starten met de Ontwikkel- en beheerorganisatie. Nu wordt de projectorganisatie, die belast wordt met de uitvoering, opgebouwd. Waarom een conceptenbibliotheek? Bij het uitwisselen van gegevens over te bouwen en gebouwde objecten tussen partijen in de bouw gaat veel mis. Gegevens worden verschillend gedefinieerd, beschreven en geïnterpreteerd. Partijen spreken een verschillende taal. Hierdoor zijn de gegevens van de objecten niet automatisch  (her)bruikbaar. Dit belemmert ketenintegratie en de verdere implementatie van BIM. Eén gestandaardiseerde taal voor de bouwsector is dus bittere noodzaak. Ofwel: eenmalig vastleggen en meervoudig gebruiken van gegevens op basis van één taal.  Het effect is lagere kosten voor transacties en minder kans op fouten (faalkosten). We spreken dan over tientallen miljoenen euro’s  per jaar. Kosten << baten!De Nederlandse Conceptenbibliotheek (CB-NL), die ook internationaal verankerd is,  beoogt de definiëring van deze taal. De investering in CB-NL is niet gering, geschat 5 tot 10 miljoen €, exclusief de kosten voor beheer en onderhoud. Maar: de opbrengsten zijn een veelvoud daarvan!

De bibliotheek is een concreet product van de samenwerkende bouwsector en de Bouw Informatie Raad. Hij levert een forse inhoudelijke bijdrage aan de vernieuwing van de sector. De bibliotheek is beperkt operationeel op 1 januari 2013 en zal daarna stapsgewijs verder worden uitgebreid. Geïnteresseerd? Klik hier voor een demonstratie.

  • BIM breekt door in onderwijs!: BIM in BBE, 20 november 2012, Gouda

Goed nieuws vanuit de hogescholen: BIM is niet meer te stuiten in het hoger onderwijs! Op 20 november 2012 is de publicatie ‘Bachelor Built Environment’ officieel gepresenteerd, waaruit blijkt dat BIM een vaste plek in het onderwijs heeft verworven. Je kunt het boekje hier downloaden. Hoe krijgen we afgestudeerde bachelors aan de juiste kennis van BIM-zaken? Die vraag stelde de BIR begin 2011 aan een aantal hogescholen, de Hoger Onderwijs Groep Bouw en Ruimte en vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven. Zij gingen aan de slag om hun curricula te verrijken met de benodigde kwalificaties op het gebied van BIM. De partners hebben de BIM-rollen en -competenties voor hbo-studenten geformuleerd en uitgewerkt in een onderwijsprogramma. Deze zijn inmiddels gepresenteerd en worden opgenomen in het boek Bachelor Built Environment (BBE), wat als uitgangspunt dient voor het beroepsprofiel van HBO-bachelors. Tijdens de opleiding wordt de verbinding gelegd met de beroepspraktijk in de vorm van casussen, stages en afstudeerplaatsen. Het begin is er, nu doorpakken en doorontwikkelen! Door te werken binnen een BIM is het bouwproces beter beheersbaar. Bedrijven formuleren hun eigen visie hierover, maar daarnaast is voor de verdere ontwikkeling de samenwerking van het bedrijfsleven met wetenschap en onderwijs van cruciaal belang. Kortom: de bachelors Built Environment maken, met de kennis die zij hebben opgedaan tijdens hun studie, het verschil door de bedrijven te ondersteunen met hun knowhow over BIM. Het belang van BIM uit zich in alle fasen van het bouwproces. Aart van der Vlist, VDVZ Architecten: ‘BIM is zeker niet alleen bedoeld voor de grote jongens. Ook het MKB moet deel gaan uitmaken van de ontwikkelingen binnen BIM’. Daarnaast is een BIM niet alleen gericht op het nieuw te bouwen object maar ook op het levenscyclusdenken, het gebouw van initiatief tot en met herbestemming of sloop. ‘De gebouwinformatie is nog het meest van belang voor de exploitatieperiode’, aldus Roger Mol, directeur bedrijfsvoering van de Dienst Infrastructuur Rijkswaterstaat.

  • Publicaties: CAD Magazine, oktober/november 2012, CMediaB.V.

Het oktober/november (2012) nummer van CAD Magazine (www.cadmagazine.nl) is een speciale BIM uitgave. Het bevat artikelen van denkers en doeners werkzaam in de Bouw en de ICT industrie in relatie tot de Bouw. De meeste artikelen zijn voorbeelden van hands on toepassingen van BIM-software. Voor de specialist en liefhebber van software.   Virtual reality en 3D printing: de toekomst Bekijk de volgende video en laat je inspireren door de meest recente 3D technologie. Hoe lang duurt voordat dit soort technieken gemeengoed zijn in de bouw? Wanneer kunnen we virtuele 3D bouwwerken 3D printen? Oriënteer je op deze techniek, lees deze publicatie.

  • IFC voor kademuren: in ontwikkeling

In het kader van het “3D Spatial Data Infrastructures – 3D SDI” project, gefinancierd door het “Next Generation Infrastrcutures” programma wordt aan een uitbreiding van het buildingSMART IFC model voor het beschrijven van kademuren middels een object georiënteerd model gewerkt.

Vanwege de behoefte aan deugdelijke en betrouwbare informatie van het Havenbedrijf Rotterdam (HbR) werken de Technische Universiteiten Eindhoven en Delft samen met het HbR en de Gemeente Rotterdam aan de toevoeging van classes en eigenschappen aan het IFC-model om kademuur objecten semantisch beter te beschrijven. Dit initiatief is wereldwijd de eerste op dit gebied en zal met andere internationale ontwikkelingen op gebied van bouwinformatie modellen voor infrastructuur gecoördineerd worden. Geïnteresseerd? Bekijk dan de website. In de video wordt geïllustreerd hoe de kennis in asset management wordt benut.

  • IDM part 2 (VISI): formele ISO standaard

De afgelopen jaren zijn door buildingSMART inspanningen gedaan om de Nederlandse VISI-standaard op te nemen als onderdeel van buildingSMART standaarden en te formaliseren op ISO niveau.

In de ISO-organisatie heeft de VISI-standaard een plek gekregen bij de groep van standaarden onder de naam Information Delivery Manual, kortweg IDM en aangeduid met de code ISO 29481. De VISI-standaard is ingedeeld als deel 2 van IDM en heeft de volgende naam gekregen: ‘Building information models -- Information delivery manual -- Part 2: Interaction framework’.

Onlangs kwam het bericht binnen dat IDM Part 2 eind 2012 als formele ISO standaard is gepubliceerd. Bij de laatste internationale stemming in maart 2012 kreeg de standaard de unanieme steun van de 19 aangesloten landen van TC 59 /SC 13.

De VISI standaard is gericht op berichtuitwisseling die nodig is voor coördinatie, besluitvorming en informatieoverdracht in het bouwproces. In Nederland wordt de VISI standaard veelvuldig toegepast in de GWW-sector, vooral in de sfeer van contract management bij Aanleg projecten en Beheer en onderhoud; de belangstelling is groeiend voor de toepassing rond BIM waarbij VISI-berichten zorgen voor gestructureerde uitwisseling van BIM-containers.

In de vergaderingen van buildingSMART in Tokyo in oktober 2012, is besloten tot een technische review van IDM part 2 en werden de aangesloten chapters aangemoedigd om pilotprojecten te gaan doen

  • Robotica: Robot Leo

Robots programmeren voor taken in huishoudens of in de zorg is tijdrovend en lastig. Een efficiëntere aanpak zou kunnen zijn om de robots het in de praktijk zelf te laten leren. Erik Schuitema onderzocht dit met robot Leo, die zichzelf heeft leren lopen. Zie video en voor meer informatie de site van TU Delft: http://home.tudelft.nl/nl/actueel/laatste-nieuws/artikel/detail/robot-leo-leert-zichzelf-lopen/ en, http://robotics.tudelft.nl/ .

  • Het BIM niveau in Nederland: analyse van BIM QuickScan data 2010-2012

In 2009 is de BIM QuickScan ontwikkeld met als doelstelling het BIM niveau van Nederlandse bedrijven op te hogen. Sindsdien zijn 130 bedrijven door 11 specialisten gescand en zijn zogenaamde 682 zelf-scans ingevuld via de website. Deze data zijn opgeslagen in een centrale database. De data zijn geëvalueerd door TNO. Het TNO-rapport, 2012 R10889 | Eindrapport, 'Het BIM niveau in Nederland: analyse van BIM QuickScan data 2010-2012', is gratis via de website van TNO te bestellen.

  • Juridische consequenties van werken met BIM: Het nationaal BIM platform

BIM als werkmethodiek vraagt wezenlijk ander contractueel en juridisch beleid, Elke discipline blijft verantwoordelijk voor diens eigen werkzaamheden, aldus Leonie Mundt, advocaat en partner bij advocatenkantoor AKD te Rotterdam. Zie voor haar presentatie de volgende site: http://www.hetnationaalbimplatform.nl/actueel/verslagen/juridische-consequenties-van-werken-met-bim/.

  • Ketensamenwerking in de bouw: rapportage 1e fase. RRBouw

Ketensamenwerking lijkt het antwoord om inefficiënties in het huidige bouwproces weg te nemen en daarmee het onbenutte potentieel in termen van kostenverlaging, hogere opbrengst en een betere kwaliteit te benutten. Een win–winsituatie voor zowel de ketenspelers zelf als hun opdrachtgevers.

Nu de bouwsector al enige jaren extra aandacht geeft aan het thema samenwerking in de bouw, was de ontwikkeling van SCM (Supply Chain management) en de positieve ervaringen hiermee in andere landen en andere sectoren, aanleiding voor RRBouw (Research Rationalisatie Bouw) om in 2008 een integraal meerjarig programma te starten. Het rapport 'Ketensamenwerking in de Bouw, een leidraad voor ondernemingen in de Bouw' , is het resultaat van de eerste fase van dit programma. Een lezenswaardig en interessant rapport.

  • Opening bouwlab ROC Amsterdam: 20 septber 2012, MBO Noord, Gare du Nord 13

Op 20 september 2012 heeft Lodewijk Ascher, wethouder onderwijs, te Amsterdam het Bouwlab van de ROC Amsterdam geopend. Klik hier voor het programma. Voor meer informatie over het Bouwlab: http://www.bouwlab.info/.

  • Kennisdoorwerking

Nieuw ontwikkelde kennis moet zijn weg vinden naar de praktijk. Voorbeelden van geslaagde marktintroducties van kennis vind je op de website www.meerwaardemetkennis.nl. Dezee website reikt methoden aan die het proces van kennis doorwerking stimuleren. De website is opgebouwd rond de kenniskringloop. De site is interactief. Op de site zijn ook enkele praktijkvoorbeelden te vinden. Bezoekers worden uitgedaagd de site verder te ontwikkelen.

  • Persbericht: start ontwikkeling opleiding modelleur BIM en IBOR

In de bouwsector is de laatste jaren veel te doen over BIM, wat staat voor Bouwwerk Informatie Model. De invoering van BIM raakt alle betrokkenen: opdrachtgever, bouwer/opdrachtnemer, leverancier, adviesbureau, bouw- en woningtoezicht en de beheerder. BIM is daarbij geen doel op zich, maar een geavanceerd hulpmiddel om het bouwproces te verbeteren en te versnellen.

De implementatie van BIM heeft ingrijpende gevolgen voor het gehele bouwproces en voor de partijen die daarbij samenwerken. Het heeft gevolgen voor de interne bedrijfsprocessen en voor de manier waarop informatie wordt uitgewisseld en opgeslagen en voor de rollen en verantwoordelijkheden van de betrokkenen.

In het beheer en onderhoud van de openbare ruimte wordt er steeds meer waarde gehecht aan een meer integrale benadering (IBOR, integraal beheer van de openbare ruimte). Gemeenten scharen naast onderhoud en beheer, ook het handhaven en (her)ontwerpen van de openbare ruimte onder hun integrale blik.

Deze toekomstschets van de ontwikkelingen in de bouw en de openbare ruimte en de inventarisatie van de behoefte aan gekwalificeerd personeel levert 2 toekomstige functies op: die van modelleur BIM en modelleur IBOR. Bedrijven en organisaties moeten zelf bepalen welke kwaliteiten de medewerker/-ster moet bezitten wat betreft basishouding, gedrag, kennis en vaardigheden.

De ROC’s van Amsterdam, Nijmegen, Scalda en Van de Bunt Adviseurs hebben de handen ineengeslagen om gezamenlijk een tweetal innovatieve opleidingen te gaan ontwikkelen en daarmee in te spelen op de veranderende behoefte aan gekwalificeerd personeel die nu reeds zichtbaar is bij de Bouw en GWW sector. De ROC’s sluiten daarbij (blijvende) allianties met het bedrijfsleven om de passendheid van de opleidingen te borgen en gezamenlijk de onderwijsverzorging op te pakken.

De nieuwe opleidingen passen binnen het initiatief van het Bouwlab, opgezet door het ROC van Amsterdam. Het Bouwlab is dé plaats waar werkgevers in de Bouw- en Infrastructuur en studenten van Bouw en Infra elkaar ontmoeten en kennis delen, waardoor de samenwerking tussen het beroepsonderwijs en het bedrijfsleven zal verbeteren.

Het bouwlab is, zie hierboven, op 20 september geopend door Lodewijk Asscher, wethouder Amsterdam van financiën, onderwijs en jeugd.

Amsterdam, 5 september 2012

Het initiatief is inmiddels gestrand. Bij de ROC's ontbraken de middelen en subsidie werd niet verkregen. Hierdoor raken werkenden met een afgeronde MBO opleiding nog verder achterop in de arbeidsmarkt.

  • 'Aan de slag met BIM, gewoon doen': de handreiking van Bouwend Nederland is uit

BIM is onmisbaar, aldus Jan Straatman, algemeen directeur van Adviesbureau Balance & Result. Dat is de conclusie van de handreiking ‘Aan de slag met BIM’, die Balance & Result en de BIM specialist, in opdracht van Bouwend Nederland hebben geschreven.

De sector zit nu in een overgangsfase, maar het is een uitgemaakte zaak dat iedereen in de bouwketen aan het bimmen zal gaan, betoogt Straatman. In een interview met Cobouw zegt hij: “We hebben voor Bouwend Nederland een ontwikkelingstool gemaakt en zijn daarmee concreet aan de slag gegaan met tien bedrijven, waarvan één is afgevallen. De conclusie: ‘BIM is onmisbaar’."

BIM heeft zich inmiddels bewezen, maar in de praktijk blijkt dat het nog niet eenvoudig is om toe te passen. Daarom heeft de handreiking ‘Aan de slag met BIM, gewoon doen’ geschreven. De aanpak bestaat uit drie bouwstenen voor het succesvol invoeren van BIM. Een samenvatting van de handreiking is is door hier te klikken te raadplegen.

  • 5 juni: BIR-event De BIM-revolutie: berichten van het front, de verslagen en de presentaties

Dinsdag 5 juni 2012: de Bouw Informatie Raad (BIR) organiseerde die dag een groots event getiteld: de BIM-revolutie: berichten van het front! Voor het laatste nieuws, het programma, de presentaties en verslagen, bekijk het programmaboekje en de presentaties op de site van de BIR. Klik hier voor het artikel dat verscheen in de Cobouw met de voorzitter van de BIR, Ron Voskuilen, directeur Stadsontwikkeling Rotterdam.

BIM is méér dan het bekende geometrische 3D-model. In een uitgebreid interview leggen Arjen Adriaanse en Jaap Bakker uit wat de BIR-pilot Objectenbibliotheken inhoudt. “Als we in bouwprojecten in dezelfde taal objectinformatie kunnen delen biedt dat zóveel mogelijkheden en voordelen, dat je gerust kunt spreken van een revolutie in het gebruik van BIM binnen de bouw.”

Taal als zuurstof
BIM staat bekend om zijn mooie 3D-plaatjes. Minstens zo belangrijk is de tekstuele informatie over objecten (van dakpan tot dorpel) in het BIM. Deze beschrijvingen kunnen betrekking hebben op allerlei eigenschappen van, en relaties tussen, objecten en functies.

De crux is deze objectbeschrijvingen eenduidig te maken, ofwel in dezelfde taal op te stellen. Die uniforme taal maakt een vrije uitwisseling van objectinformatie tussen partijen immers mogelijk, zonder risico op verschil in interpretatie en bijbehorende miscommunicatie. Deze uniforme taal vormt het hart van de objectenbibliotheek, niet voor niets ook wel ‘de zuurstof van BIM’ genoemd.

Open de poorten!
Tijd voor een solide objectenbibliotheek dus. En dan wel graag op sectorniveau, zodat de poorten naar het BIM-walhalla wijd open gaan. Vandaar dat de BIR eerder dit jaar startte met een pilot waarin werkgroepen de komst van een objectenbibliotheek op sectorniveau nader onderzoeken en deels ontwikkelen. Arjen Adriaanse is trekker van de B&U-werkgroep, Jaap Bakker heeft die van de GWW-sector onder zijn hoede. Mick Baggen is projectleider van de ICT-werkgroep.

Uniform verplicht
“Bij BIM denkt iedereen nu nog aan mooie 3D-modellen. Voor de niet-geometrische, tekstuele informatie die je aan alle objecten in dat model kunt hangen, bestaat nog veel minder aandacht”, zegt Arjen Adriaanse. “Maar als je wilt dat die informatie kan doorrollen in het bouwproces, moet er een uniforme taal komen. Zeker als je tussen disciplines en organisaties gaat uitwisselen.”

Hoe noemen we het?
Neem bijvoorbeeld een binnenmuur, illustreert Jaap Bakker. “De een noemt het een muur, de ander een binnenwand, een derde een gipsplaat. Verschillende beschrijvingen, die verschillende interpretaties uitlokken. Dat brengt onherroepelijk faalkosten en transactiekosten mee. Bovendien kun je elkaars informatie bijna niet hergebruiken.”

Startpunt B&U: bestek
De pilot dient als eerste opstap naar een eenduidige taal. In de werkgroep Objectenbibliotheek B&U zijn naast de B&U-sector ook de installatiesector en BIM Omgeving vertegenwoordigd. Adriaanse: “Onze werkgroep is begonnen met allerlei bestaande standaarden en bibliotheken tegen het licht te houden. Om er een paar te noemen: IFD Library, haar opvolger, de BuildingSMART Data Dictionary, BouwConnect, NEN 2767 en de bibliotheken van diverse softwarepakketten.”

Die analyse werd gebruikt om de aanpak voor het ontwikkeltraject van de sectorbibliotheek B&U te bepalen. Als startpunt werd gekozen voor het objectgerichte bestek. “Dus technische objectbeschrijvingen als equivalent van het traditionele bestek. Daar heeft ten slotte iedereen mee te maken.”

Diep doordenken
Omdat het ondoenlijk is om in een pilot een hele objectbibliotheek te vullen, ligt de focus op twee objectgebieden: draagconstructie (steenachtig) en luchtbehandeling. Dit zijn voor B&U-experts (en deels ook voor GWW-experts) relevante terreinen. “Op dit moment zijn meerdere werkgroepen bezig de semantische informatie van allerlei objecten en functies te bepalen.”

Dat is bepaald geen sine cure, ziet Adriaanse. “Het vraagt om doordenken tot een diep taalniveau om al die begrippen en termen goed te kunnen ontleden, en te kunnen structureren naar eenduidige beschrijvingen.”

GWW: 'Proof of concept'
De werkgroep GWW richt zich op andere zaken dan die van B&U. Bakker: “B&U is al bezig met het daadwerkelijk vullen van de bibliotheken van twee objectgebieden, terwijl de GWW nog maar net begonnen is met het benoemen van objecten en met standaarddefinities van functies en functieruimtes. Wat dat betreft is de B&U ons ver vooruit.”

De werkgroep GWW richt zich daarom vooral op ‘proof of concept’ en bijbehorende onderzoeksvragen. Dat gebeurt in de expertgroepen Contractering, Ontwerp en Realisatie, Beheer en Onderhoud en BIM Omgeving. En in de expertgroep Demonstrator wordt een stukje areaal van Rijkswaterstaat in BIM gezet om te beoordelen hoe de uitwisseling van informatie tussen alle genoemde gebieden verloopt.

Andere benadering, zelfde doel
De werkgroep B&U gaat dus diep in op de materie, terwijl GWW het nog breed houdt. Het zijn andere aanvliegroutes voor hetzelfde doel: het opbouwen van een architectuur van een objecten bieb die identiek is voor beide partijen, en uiteindelijk sectorbreed kan worden doorgevoerd.

En andere?
Hoe zit het met andere initiatieven? Is zoiets als BouwConnect geen concurrent van deze pilot? Adriaanse ontkent dit met klem.“Deze ontwikkelingen kunnen elkaar juist versterken. BouwConnect zegt zelf elke standaard te kunnen toepassen in hun systeem. Zij ontwikkelen in feite een soort productenbieb met concreet te bestellen producten. Ons werk moet je eigenlijk meer zien als een concepten bieb, waarin allerlei ‘abstracte’ concepten beschreven staan voor objecten als deuren, ramen, balken enzovoorts. Een hoger niveau dus, dat toegankelijk en beschikbaar zal zijn.”

Groeimodel
De pilot beoogt, naast de genoemde werkgroepdoelen, ook procedurele richtlijnen en afspraken te kunnen opleveren. Bakker: “We willen laten zien dat het mogelijk is een architectuur te bouwen die bruikbaar is voor iedereen in de bouwketen, volgens een werkbaar concept.” Wellicht dat er een groeimodel kan ontstaan, merkt Adriaanse op: “Wij zijn nu bezig met steenachtige draagconstructies en luchtbehandeling. Wie weet is er een partij die hetzelfde wil gaan doen met een ander objectgebied en daarvoor mede financiers zoekt.

Zo kunnen we stapsgewijs groeien naar een brede objectenbibliotheek en hoeft niet in één keer een enorme zak geld geïnvesteerd te worden. De doorontwikkeling moet natuurlijk wel volgens een eenduidige systematiek gebeuren.”

Kritieke massa
'Last but not least' benadrukken Adriaanse en Bakker dat de pilot geen feestje is van de BIR, en al helemaal niet van de organisaties waar zij zelf werken (Ballast Nedam resp. Rijkswaterstaat). “Kijk naar de verschillende groepen die actief zijn binnen dit initiatief”, zegt Adriaanse. “De bijna 80 leden komen van allerlei partijen en vormen een mooie doorsnede van de sector. De ontwikkeling gebeurt onafhankelijk van wie dan ook.”

Bakker: “We willen kritieke massa creëren met deze pilot: het moet duidelijk worden voor bedrijven waar ze in investeren en wat het oplevert. Als we dezelfde taal kunnen delen binnen BIM, biedt dat zoveel mogelijkheden, dat je gerust kunt spreken van een revolutie in het gebruik van BIM.”


Over de geïnterviewden:
Dr. ir. Arjen Adriaanse is binnen Ballast Nedam verantwoordelijk voor de ontwikkeling en implementatie van BIM. Daarnaast is hij actief binnen verschillende sectorinitiatieven. Zo is hij vicevoorzitter van het Europese ‘5D Initiative’, lid van het ‘ENCORD Virtual Construction Platform’ en stuurgroeplid van de ‘Contact Groep IT’ (CoGrIT) van Bouwend Nederland.

Ir. Jaap Bakker is senior specialist bij Rijkswaterstaat. Zijn werkveld betreft de ontwikkelingen en implementaties rondom asset management, voor nieuwe en bestaande infrastructuur. Hij houdt zich onder meer bezig met Life Cycle Cost Management, BIM, objectbibliotheken,risico gestuurde inspectie,conditiemeting (NEN 2767) voor infrastructuur en innovatieve contractvorming.

Interview: Beyke Goris, Contactum. Gepubliceerd op de website van de BIR.

  • VISI: erkenning VISI standaard door college standaardisatie

College Standaardisatie heeft op 15 juni jl. de standaard, waarmee bouwprocesinformatie (VISI) kan worden uitgewisseld op de 'pas toe of leg uit'-lijst geplaatst.

In de toetsingsprocedures hebben opnieuw tientallen experts vanuit de overheid en het bedrijfsleven geholpen om de standaarden te beoordelen. De standaard VISI zorgt voor een geoliede samenwerking in bouwprojecten. De overheid is een belangrijke opdrachtgever van onder meer wegenbouw- en utiliteitswerken.

De standaard VISI is een standaard om het communicatieproces tussen partijen die zijn betrokken bij een bouwproject te digitaliseren. Doel van VISI is om de transparantie van het bouwproces te vergroten en hiermee de kwaliteit en efficiency te verbeteren. VISI maakt het bijvoorbeeld mogelijk om wijzigingen snel te accorderen of de laatste versie van een detailtekening tijdig beschikbaar te stellen.

Voor de standaarden die op de 'pas toe of leg uit' -lijst zijn opgenomen geldt het zogenaamde 'pas toe of leg uit'-regime. Dat wil zeggen dat (semi-)overheidsorganisaties die actief zijn in het toepassingsgebied van de standaarden, verplicht zijn om deze aan te schaffen, als zij investeren in nieuwe systemen en software. Organisaties die hier vanaf wijken moeten daarover via hun jaarverslag gemotiveerd verantwoording afleggen. Deze verantwoordingsverplichting is vastgelegd in de Rijks begrotingvoorschriften van het Ministerie van Financiën.

  • Raak onderzoeksprogramma ‘Ketenintegratie’: een update

In 2011 is door de Stichting Innovatie Alliantie de subsidie toegekend voor het onderzoeksprogramma “Ketenintegratie: ICT als vehikel voor een sterk MKB in de veranderende bouwwereld”. De BIR steunt het programma.

In de bouwsector zijn grote veranderingen gaande: gebouwen worden steeds complexer en contractvormen veranderen. Mede door de economische crisis staan marges onder zware druk en zijn nieuwbouw en vastgoed in zwaar weer geraakt. De aandacht verschuift steeds meer van bouwen naar beheren, naar de levenscyclus van gebouwen en naar de mogelijkheden tot keten- en bouwprocesintegratie.

BIM is een instrument voor de sector om door middel van ICT de keten van bouwen tot beheren te integreren. De basisgedachte is dat gegevens over een gebouw (of gebied) eenmalig worden ingevoerd en vervolgens aan alle partijen in de keten van ontwerpen, bouwen en beheren ter beschikking staan. Aldus ontstaat een gegevensmodel (of bouw informatie model). De voordelen: minder fouten door betere afstemming en daardoor lagere kosten, kortere doorlooptijden en betere en snellere communicatie met opdrachtgevers en andere betrokkenen.

De praktijk leert dat bedrijven die BIM gebruiken (architecten, aannemers, installateurs e.a.) zich in de huidige economische situatie goed staande weten te houden. De praktijk leert ook dat er tal van kennisvragen leven onder MKB bedrijven m.b.t. BIM. Voorbeelden daarvan zijn: ‘welke software moeten wij kiezen en waarom?’ ‘ Waar in mijn bedrijfsproces begin ik met de implementatie van BIM?’

Het doel van het onderzoeksprogramma is om MKB bedrijven te helpen bij het beantwoorden van die kennisvragen.

In de afgelopen tijd zijn gesprekken gevoerd met MKB bedrijven en is een aantal kennisvragen geselecteerd. Naar de antwoorden op die vragen wordt op onderzoek gedaan in het ‘BIM lab’ aan de Hogeschool van Amsterdam. De resultaten daarvan zijn tijdens een BIM seminar op 14 juni jl. bekend gemaakt en met geïnteresseerden gedeeld.

De resultaten die op 14 juni gepresenteerd zijn betroffen de antwoorden op de volgende onderzoeksvragen:
1. In sommige branches kunnen klanten online een product samenstellen – denk aan een nieuwe auto of een nieuwe keuken. Tal van MKB bedrijven in de bouwsector denken langs vergelijkbare lijnen. Concreet: is het mogelijk om een woning configurator te ontwikkelen?

2. Gebleken is dat tal van bedrijven bouwsoftware in een deel van hun bedrijfsproces gebruiken (bijvoorbeeld ontwerpen) en de resultaten daarvan ook in andere bedrijfsprocessen willen kunnen benutten (bijvoorbeeld calculatie of werkplanning). In dit onderzoek wordt gekeken naar de (mogelijkheid van) informatie-uitwisseling tussen de genoemde werkprocessen. Daarbij wordt vooral aandacht besteed aan de in Nederland meest gebruikte BIM softwarepakketten.

3. Waarom stappen bedrijven over van 2D tekenen naar 3D modelleren? In dit onderzoek wordt inzichtelijk gemaakt wat de verschillen tussen werken in 2D en 3D zijn. Onderzocht is hoe snel wijzigingen in 2D respectievelijk 3D geïmplementeerd kunnen worden en hoe andere partijen in de keten daarover geïnformeerd worden (bijvoorbeeld: hoe weten architect en constructeur van elkaar dat zij iets veranderen in een ontwerp?). Praktijkvoorbeelden worden gebruikt om de resultaten te illustreren.


Het onderzoeksprogramma liep door tot juli 2013. MKB-bedrijven met kennisvragen zijn op 14 juni a.s. in de gelegenheid gesteld om die bij studenten en docenten kenbaar te maken. Omgekeerd kunnen ook laatstgenoemden hun interesse tonen. De ambitie van het onderzoeksprogramma is om zo veel mogelijk MKB-bedrijven te ondersteunen bij het beantwoorden van kennisvragen op het gebied van (de implementatie van) BIM en GIM/GIS. De ambitie is ook om zo veel studenten te faciliteren bij het vinden van een stageplaats of een afstudeeronderwerp bij/voor een bedrijf dat wil investeren in nieuwe mensen op de arbeidsmarkt.

Voor meer informatie wordt verwezen naar de website: www.bimmingbusiness.nl. Op deze site kunt u ook de vragen die 14 bedrijven hebben gesteld aan de studenten van de Hogeschool terugvinden.

  • Voskuilen (gemeente Rotterdam, voorzitter BIR): Bim is er nog altijd niet!

Volgens de voorzitter van de Bouw informatie Raad is een sturende rol van de opdrachtgevers nog steeds onmisbaar om de optimale resultaten met BIM ten behoeve van het managen van informatie door opdrachtgevers (maarook opdrachtnemers) te bereiken. Lees hier het artikel in de Cobouw, 2 juni 2012.

  • Keynotespeaker Dronkers (DG RWS): Rijkswaterstaat wacht niet langer

Ik heb opdracht gegeven, dat we met BIM beginnen op het grootste project in voorbereiding bij RWS, Schiphol-Amsterdam-Almere. Ik wil met de opdrachtgevers 1 team vormen en ook de marktpartijen raad ik aan mee te doen, dat kan bij de ontwikkeling van de open standaarden of in de BIM-toets projecten", aldus Dronkers, Directeur Generaal Rijkswaterstaat.

  • Op weg naar werken met BIM: Een leidraad over de implemenatie van BIM

De gehele bouwsector heeft veel te winnen bij verdere integratie van het bouwproces: met meer efficiëntie kunnen hogere winstmarges worden behaald. Is dit onder de knie, dan staat de weg naar waardetoevoeging open. Voor opdrachtgevers gaan de kwaliteit en transparantie omhoog en ontstaat een beter overzicht over de hele lifecycle van het bouwwerk.

ICT is een onmisbaar hulpmiddel bij het verder integreren van het bouwproces. Het werken met een Bouwwerk Informatie Model (BIM) gaat nog een stap verder, want dit gaat over het hele bouwproces en vergt een andere, objectgerichte werkwijze. Deze leidraad geeft duidelijkheid over de consequenties van invoering van het BIM in een bedrijf. Het hoofdstuk over adoptie is bestemd voor hen die implementatie van een BIM overwegen. Het hoofdstuk Implementatie geeft houvast bij het daadwerkelijk overgaan op werken met een BIM.

Omdat ontwikkelingen snel gaan, is dit geen statisch maar een levend document, dat regelmatig zal worden aangepast aan de hand van ervaringen van gebruikers.

  • Nieuw krachtenveld nieuwe paradigma's: Trendverkenning van de Nederlandse bouw, Willem Verbaan

Op 11 april 2012 verscheen het boek met de titel 'Nieuw krachtenveld, nieuwe paradigma's' (ISBN 9878-90-75271-56-0; uitgeverij, Blauwdruk en Willem Verbaan), geschreven door Willem Verbaan.

Willem Verbaan is econometrist en macro-econoom. Hij was betrokken bij toekomstverkenningen van de WRR. Willem Verbaan is een netwerker, verbindt partijen, competenties en kansen. Hij is betrokken bij innovaties in de publieke en private sector. Als lector Gebiedsontwikkeling, verbonden aan de Hogeschool Amsterdam, is hij een voorvechter voor ketenintegratie en toepassing ICT (BIM) daarbij.

  • BIM woordenboek: BIM Woordenboek nu online te raadplegen

Het BIM woordenboek is een verzameling van antwoorden op veel gestelde vragen over BIM termen en afkortingen. Het BIM woordenboek is recent online geplaatst. Hierdoor is de doorzoekbaarheid en de links tussen verschillende artikelen vereenvoudigd.

Je vindt het BIM woordenboek op de wiki van het informatiecentrum BIM.

De link is http://wiki.ibim.nl

Het BIM woordenboek (en daarmee deze wiki) heeft als doel om de lezer wegwijs te maken in de vele begrippen en termen die gebruikt worden in de wereld van BIM. De inhoud richt zich vooral op de vele (open) standaarden, afkortingen en gerelateerde projecten en initiatieven (zowel internationaal als in Nederland).

  • Projectmanagement 3.0: Impulsen voor de nieuwe generatie projectmanagers in de bouw

In samenwerking met een groot aantal praktijkmensen heeft de HU een boek, 'Projectmanagement 3.0', gemaakt over de recente ontwikkelingen in het vak bouwprojectmanagement. Ik heb daaraan mogen meewerken.Het boek gaat in op de veranderingen in de context waarin (grote) bouwprojecten moeten plaatsvinden. Vragen waarop in het boek wordt ingegaan: wat zijn de consequenties van die veranderingen voor de kennis, vaardigheden en houding van de projectmanagers? Op welke manier kunnen mensen zich tot professionele projectmanager ontwikkelen? Wat is de rol van het onderwijs daarin? Het boek kan je downloaden.

  • Ieder voor zich of.......?: Op zoek naar de kansen

BIM heeft de Bouw zoveel te bieden dat je nooit door tegenslagen bij de implementatie en de ontwikkeling van BIM uit het veld moet laten slaan. Het credo is, het glas is altijd halfvol. Geduld is een schone zaak en de aanhouder wint.

Door te geloven in je product en jezelf, bereik je uiteindelijk resultaten.

BIM is niet louter techniek, maar vooral mensenwerk. BIM zorgt voor een radicale verandering in de bouw. Kennis delen is voor de jongeren onder ons gemeengoed. Kennis ontsluiten via de nieuwe media vanzelfsprekend. Het werken in teamverband een tweede natuur.

Uiteindelijk zal de Bouw, door de instroom van jongeren, van binnenuit veranderen. Maar de mensen die nu al werkzaam zijn in de bouw zouden toch de kansen van BIM moeten willen zien. Het biedt zoveel uitdaging! Om de mensen dat inzicht te laten krijgen moet je creatief te werk gaan.

Onlangs werd ik geïnspireerd door een interactieve lezing van Patrick Coremont, M.Sc., www.co-creative-partner.be/. Tijdens de voordracht toonde hij een video met 29 tips om creativiteit te bevorderen. Eenvoudige, herkenbare tips, die, ontdekte ik luisterend naar zijn verhaal, in de dagelijkse praktijk regelmatig toepas en die mij helpen successen te boeken op het terrein van de implementatie van BIM.

Laatst aangepast op woensdag, 14 maart 2018 16:24